fbpx
Selecteer een pagina

Schouder revalidatie

Trainen met knie pijn

Fysiotherapie na schouderoperatie

Schouderklachten worden over het algemeen conservatief behandeld. Dit wil zeggen dat de klachten niet operatief behandeld worden maar met de hulp van Fysiotherapie, aanpassingen in de dagelijkse activiteiten en pijnmedicatie. Soms kan er gekozen worden voor een lokale injectie met corticosteroïden. Een uitzondering is bijvoorbeeld een complexe botbreuk zijn die door een operatie gestabiliseerd moet worden. Bij een klein deel van de mensen met aanhoudende schouderpijn kan een operatie mogelijk toch nog een oplossing bieden. Vaak gaat hier een conservatief beleid aan vooraf.  Wanneer de verschillende behandelopties niet het gewenste resultaat met zich meebrengen wordt samen met de orthopedisch chirurg de keuze gemaakt om te opereren.

 

 

Kruisband blessure

Anatomie en functie van het schoudergewricht

Het schoudergewricht bestaat uit de humerus(bovemarm bot), scapula(schouderblad) en het clavicula(sleutelbeen). Het gewricht tussen de bovenarm en het schouderblad noemen we het glenohumerale gewricht. Het sleutelbeen met het schouderblad is het acromioclaviculaire gewricht. Een ander gewricht van het schoudergebied is het scapulothoracale gewricht. Dit is het gewricht tussen het schouderblad en de ribben. Deze gewrichten maken het mogelijk dat de schouder in veel verschillende richtingen kan bewegen. In de schouder zitten veel verschillende spieren en pezen. Deze spieren hebben als functie de schouder te bewegen en te stabiliseren tijdens de verschillende dagelijkse bewegingen. Er zijn kleinere spieren die dichter bij het gewricht zitten maar ook grotere spieren die een krachtigere functie hebben. Deze kleine spieren worden de rotator cuff genoemd, deze spieren zitten als een soort korset om de kop van de schouder. Er wordt anatomisch gezien een onderscheidt gemaakt in een lokaal spiersysteem en een globaal spiersysteem. Functioneel echter hebben ze grotendeels dezelfde functie. Bij een niet beperkte schouder is het glenohumerale kapsel, het kapsel rond het glenohumeraal gewricht is rekbaar, lang en beperkt het de normale bewegingsuitslag van de schouder niet. De functie van dit kapsel is om stevigheid te bieden in de schouder. Rond het kapsel bevindt zich het labrum. In ieder gewricht dus ook in de schouder bevindt zich synoviaal vocht, ook wel gewrichtsvloeistof genoemd. Synovium zorgt ervoor dat gewrichtsvlakken soepel kunnen bewegen ten opzichte van elkaar door wrijving te minimaliseren.

Schouderinstabiliteit

Het schoudergewricht heeft de grootste bewegingsvrijheid in ons lichaam. Dit komt omdat anatomisch gezien de kom erg klein en ondiep is ten opzichte van de relatief grote schouderkop. Ter compensatie zit aan de rand van de schouderkom het labrum (kraakbeen ring). Het labrum zorgt als het ware voor een grotere kom en zit als een soort zuignap aan de kop van de schouder.  Verder is het gewricht sterk omhuld met gewrichtskapsel, banden en verschillende spieren. Normaal gesproken zorgt dit voor voldoende stabiliteit in de schouder tijdens dagelijkse activiteiten en sport.

Instabiliteit aan het schoudergewricht komt bijna altijd door een ongeval of als gevolg van langdurige overbelasting zoals bij verschillende sporten waarbij veel in de eindstand van het gewricht gewerkt wordt. Bij een ongeval kan, afhankelijk van de kracht en richting van het trauma, schade ontstaan aan bijvoorbeeld het labrum, banden en eventueel spieren. Aangezien deze samen moeten zorgen voor stabiliteit van de schouder kan het minder functioneren van een of meerdere van deze structuren voor problemen zorgen. 

Mensen die last hebben van instabiliteit hebben te maken met een schouder die uit de kom schiet (luxeert) of uit de kom neigt te schieten (sub-luxatie). In veel gevallen is dit te wijten aan het labrum. Hier kan door overbelasting of trauma een scheur in ontstaan waardoor de stabiliteit van de schouder afneemt. Helaas heeft het labrum niet het vermogen om zichzelf te herstellen. Met een operatieve ingreep kan het labrum worden gehecht zodat de stabiliteit weer kan worden hersteld. In de medische wereld wordt dit een labrum repair genoemd.

Rotator cuff ruptuur

De rotator cuff bestaat uit 4 spieren; teres minor, supraspinatus, subscapularis en infraspinatus. Het is een groep van spieren die zijn grootste functie heeft in het laten draaien van de schouder en stabiliseren van de schouderkop in de kom. Is de meeste gevallen gaat het bij een scheur in de rotator cuff over de de m. supraspinatus die schade heeft. Daarna gaat het vaker om de m. infraspinatus. Rupturen in de andere twee spieren komen maar weinig voor. 

Vaak is het scheuren van spieren of pezen te wijten aan een ongeluk. Bij de rotator cuff is dit vaak ook het geval. Ook hier kan een te grote impact van bijvoorbeeld een val de spieren doen scheuren. Nog vaker is het bij de rotator cuff het geval als gevolg van veroudering. De pezen zijn dan van mindere kwaliteit en zijn minder sterk er hoeft dan niet per se heel veel te gebeuren voor forse schade aan de pezen. Verschillende wetenschappelijke studies laten zien dat de helft van alle mensen boven de 60 jaar tenminste een gedeeltelijke ruptuur heeft in een van de rotator cuff spieren. Het is dus ook gedeeltelijk een normaal fenomeen net zoals grijze haren en rimpels. Deze mensen waren ook pijnvrij. Wanneer de symptomen overeenkomen met bijvoorbeeld een beeld op een echografische opname dan is de oorzaak van de pijn mogelijk wel het gevolg een scheur in de rotator cuff. Een operatie van een cuff ruptuur is van verschillende factoren afhankelijk zoals leeftijd en dagelijkse belasting. Ook moet het peesweefsel van goede kwaliteit zijn, anders is een re-ruptuur vrij aannemelijk. Als we wat ouder worden kunnen we over het algemeen namelijk redelijk goed uit de weg als we een of meerdere schouderpezen missen. Op jongere leeftijd ligt dit anders. Als gekozen wordt voor een operatief beleid is het doel de pees terug te plaatsen op zijn originele positie. Als dit niet lukt kan ook gekozen worden op de pees op een andere plek te verankeren. 

Fysiek testen bij vermoeden op een (gedeeltelijke) scheur in de rotator cuff
Bij een vermoeden van cuff ruptuur komt het fysiotherapeutisch onderzoek goed van pas. Vaak is bij een dergelijke ruptuur van buitenaf niet heel veel afwijkends te zien. Soms is blauwe verkleuring zichtbaar als de klachten zijn ontstaan na een trauma. In het fysiotherapeutisch onderzoek zal vermindering van kracht waargenomen worden in richtingen die te maken hebben met rotaties en/of het heffen van de arm.

Internal rotation lag sign
Met deze test wordt de m. subscapularis getest. De patient wordt gevraagd rechtop te zitten met de elleboog in 90 graden. De onderzoeker brengt de arm volledig naar endorotatie (draaien naar binnen) en vraagt de patient deze positie te behouden. Op het moment dat de subscapularis is geruptureerd zal dit niet lukken.

External rotation lag sign
Met deze test worden de m. supraspinatus en m. infraspinatus getest. De startpositie is hetzelfde als bij de voorgaande test. Deze keer echter draait de therapeut de arm volledig naar exorotatie (naar buiten) en vraagt weer deze positie te behouden. Ook hierbij geeft onvermogen tot het behouden van deze positie een positieve testuitslag.

Empty can test
Bij de empty can test wordt de m. supraspinatus getest. Deze test wordt uitgevoerd met de armen 90 graden abductie en volledig naar binnen gedraaid. Met de armen in het scapulaire vlak geeft de onderzoeker kracht op de armen in neerwaartse richting. Onvermogen om deze weerstand te weerstaan (en vooral een verschil tussen beide armen) geeft een positief testresultaat.

Naast deze specifieke testen kan in veel gevallen bij een algemeen beweegonderzoek ook onvermogen tot bepaalde bewegingen gezien worden of een afwijkend beweegpatroon. Bij twijfel kan aanvullend onderzoek aangevraagd worden om duidelijkheid te krijgen. 

Biceps repair

De biceps loopt van de schouderregio naar de onderarm. Het is een spier die bestaat uit twee kopen (lange kop en korte kop) met als belangrijkste functie het buigen van de elleboog. De lange kop van de biceps heeft zijn aanhechting over de schouder en ondersteund daarin ook bewegingen in het schoudergewricht.

Bij een spierblessure maken we gebruik van verschillende gradaties. Het is namelijk mogelijk dat er alleen sprake is van spierpijn of een lichte verrekking. Maar het kan ook zo zijn dat er sprake is van een spierscheuring of zelfs een volledige scheur. 

Zoals iedere spier in het lichaam kan ook de biceps schade oplopen. Een ruptuur in de biceps ontstaat meestal bij zwaar tillen of na trauma zoals bij een val op de gestrekte arm. In veel gevallen is de lange kop van de biceps aangedaan. In het geval van een bicepspeesruptuur is er een duidelijk moment geweest waarop de klachten zijn ontstaan. Ook kan verkleuring in het aangedane gebied zichtbaar zijn en hierbij kan het popeye fenomeen optreden. Hierbij is een bobbel in de bovenarm te zien doordat de spierbuik zich terugtrekt in de arm. Deze hoeft niet altijd aanwezig te zijn. De pees kan zowel aan de bovenzijde als aan de onderzijde af scheuren. 

In veel gevallen is een operatie bij een biceps ruptuur niet nodig. Met name op oudere leeftijd wordt de keuze om te opereren bijna niet gemaakt. Uitzonderingen hierop zijn mensen die sport beoefenen op hoog niveau of zwaar fysiek werk hebben. De pees kan dan teruggezet worden op zijn originele plek, in het geval van een distale ruptuur is dit op het tuberositas radii. Zie hier een filmpje over de operatie techniek. 

Knie artrose
Arjan Naaijkens

Schouder & revalidatie specialist Arjan Naaykens

SLAP leasie

Aan de bovenzijde hecht de biceps aan op de bovenkant van de kom van de schouder. Specifieker nog aan het glenoid wat onderdeel is van het labrum. Wanneer de aanhechting dus los komt aan deze kant kan er ook wat schade zijn aan het labrum. Hier is flink wat kracht voor nodig.  In sommige gevallen hoor je iets knappen tijdens het ongeval. De arm bovenhands bewegen is vaak erg pijnlijk of zelf niet meer mogelijk. De pijn bevindt zich vaak aan de voorkant en bovenkant van de schouderkop. Een SLAP leasie komt niet vaak voor. Ook wordt de diagnose vaak gemist omdat alleen een kijkoperatie echt uitsluitsel kan geven. Over het algemeen maken we onderscheidt in 4 verschillende typen:

  • Type 1 is een gedeeltelijke scheur, de pees hecht dus nog aan
  • Type 2 is een volledige scheur aan de bovenzijde van het labrum
  • Type 3 is een buckethandle scheur, een stukje van het labrum komt dan mogelijk in de gewrichtsruimte te zitten wat beknelling en irritatie geeft
  • Type 4 is een buckethandle scheur die door loopt in de pees van de biceps

Mocht een operatie noodzakelijk zijn dat kan de bicepspees weer worden vastgezet middels een anker vaak op een hoger gelegen plek in de schouder. Na de operatie mag je 6 weken weinig tot niet belasten om het anker weer goed te laten ingroeien. Ook de bewegingen moeten fors worden beperkt en vaak zit je grote gedeelten van de dag in een sling. 2 weken na de operatie mag er voorzichtig wat worden bewogen onder begeleiding van een fysiotherapeut. Na 6 weken wordt er geleidelijk weer een opbouw gemaakt de kracht en belastbaarheid van de schouderregio. 

Revalideren bij Fysio Fitaal

Revalideren na een operatie aan de schouder kost veel inspanning en is behoorlijk intensief. Het kan wel tot 12 maanden duren voor je weer op een dusdanig niveau bent om weer volledig deel te kunnen nemen aan je sport. Dit kost een behoorlijke portie wilskracht maar ook tijd. Gedurende de revalidatie zullen er altijd kleine en soms ook grote tegenslagen op je pad komen. Zeker in bepaalde fases zal het langzamer gaan dan je vooraf had gedacht. Geduld is noodzakelijk. Onze specialisten zullen je in dit traject zo goed mogelijk begeleiden en motiveren waar dit nodig is. Fysio Fitaal werkt met specialisten op het gebied van schouderrevalidatie. Door deze combinatie van expertise, uitgebreide faciliteiten en passie voor fysiotherapie ben je bij ons aan het juiste adres.

Team Fysio Fitaal

Afspraak maken.